maandag 25 november 2013

Jawadde, nie normaal ...

Wij staan tien hoog.  Op het dak van het MAS.  De avond valt in boven Antwerpen.  De lichtjes aan de Schelde worden aangeschakeld.  De lucht kleurt roodblauwgrijs.  Een eigen huis, een plek onder de zon, … Aan dat liedje moet ik denken als wij vanop het MAS neerkijken over ’t Eilandje.  Terwijl ik dat liedje stilletjes zing, denk ik dat het hier heerlijk moet zijn om te wonen.  Dichtbij de stad en toch rustig.  Vanop het MAS kies ik mijn huisje.  Mijn dakappartement.  Of zou ik toch voor een herenhuis kiezen? Ik droom en in die droom kies ik mijn favoriete stek.  In die droom maken wij geen financiële afwegingen.  Wij laten ons niet weerhouden door realistische en ontnuchterende bemerkingen.  Wij kiezen gewoon.  Wij pikken er gewoon eentje uit.
 
Deze immobiliaire dromen aan het MAS zijn nog klein en bescheiden te noemen.  Die dromen worden dezelfde avond nog groter.  Veel groter.  Wij verlaten het MAS en rijden naar Zurenborg.  Hier staan imposante villa’s.  Statige herenhuizen.  Het dromen wordt wilder.  Het kiezen gebeurt nog enthousiaster.  Onze keuzes worden regelmatig herzien.  Elke keer als wij een woning zien dat nog groter en nog meer allure heeft, schrappen wij de vorige keuze en kiezen wij voor het grotere.  Voor het fraaiere.
 
Terwijl wij doorheen deze wijk wandelen, vergapen wij ons aan deze architecturale pareltjes.  Wij laten ons overdonderen door fraai uitgewerkte ornamenten.  Door fijne versieringen.  Door frivole tierlantijntjes.  Wij kijken naar standbeelden, op balkons geposteerd als versteende wakers over de wijk.  Griekse kariatiden lijken het wel.  Tijdelijk gehuisvest in Antwerpen.  Alsof zij de Griekse crisis ontvlucht zijn en hier wachten op betere tijden.  Al te vaak vallen onze monden open.  Al te vaak schudden wij met onze hoofden, gevolgd door die ene, stamelende uitdrukking van verbazing: ‘man, man, man, …’.  In deze wijk zijn deze villa’s geen uitzondering.  Deze villa’s zijn de standaard.  Zij staan netjes op een rij.  Zonder enige onderbreking.  Rijkdom paalt aan rijkdom.  Grootsheid aan grootsheid.  
 
Die grootse, adembenemende architectuur doet mij verlangen de oorspronkelijke bewoners te ontmoeten.  Met plezier zou ik doorheen die huizen willen wandelen.  Kijken naar het dagelijkse leven van die burgerlijke topklasse.  Kijken naar dat ongetwijfeld luxueuze, bijna decadente bestaan.  Slechts één iemand kan dat verlangen realiseren.  Professor Barabas met zijn teletijdmachine kan mij helpen.  Maar die professor is een stripfiguur.  Stripfiguren bestaan niet.  Enkel in hun verhalen leiden zij hun leventje.  Ik zal dus in deze tijd blijven.  Noodgedwongen.  Het einde van de negentiende eeuw is voor mij niet bereikbaar.  Dit onvermogen verhindert evenwel mijn fantasie niet.  Die fantasie borrelt.  Die fantasie doet mij vervellen tot huiseigenaar.  Doet mij verworden tot lid van de bourgeoisie.  Elke stap doet mij dat ietsje rechter lopen.  Ik recht mijn rug.  Hef mijn hoofd ietsje meer rechtop.  Ik kijk rond.  Zelfbewust.  Elke stap doet die wijk meer mijn wijk worden.  Dit is mijn wijk.  Dit is mijn straat.  Dit is mijn huis.  Jawel, ik geloof het.  Jawel, ik ben het.
 
De volgende morgen spatten onze dromen uiteen.  Nieuwsgierigheid is de dader.  Nieuwsgierigheid brengt ontnuchtering.  Wij willen weten.  Wij willen het financiële plaatje kennen.  Gisteren hadden wij een woning te koop gezien.  Vijf slaapkamers en drie badkamers.  Wij surfen naar de site vanhet immobiliënkantoor.  Daar staat het zwart op wit.  Wij lezen de vraagprijs één keer.  Wij lezen het een tweede keer.  Een derde keer.  Jawel, wij lezen het zelfs een vierde keer.  Om onszelf te overtuigen dat wij alle nulletjes op de juiste manier hebben gelezen.  Drie miljoen euro, dat is de vraagprijs.  Honderd twintig miljoen oude Belgische franken.  De bubbel spat open.  Met beide voetjes staan wij terug op de grond.  In de realiteit.  Wij zijn voetvolk.  Gewone jongens en meisjes.  Van eenvoudige komaf.  Maar meer nog dan gewone jongens en meisjes zijn wij gelukkige jongens en meisjes.  De harde confrontatie met de zwaar doorwegende euro’s ontneemt ons dat besef niet.  Jawel, wij zijn gelukkig.  
 
Zurenborg heeft ons wakker geschud.  Heeft ons doen inzien dat er nog rijke ‘smeerlapjes’ rondlopen op deze aardbol.  Maar tegelijk heeft Zurenborg dat aloude, troostende spreekwoord bevestigd: geld maakt niet gelukkig.  Volmaakt gelukkig sluiten wij de site van het immobiliënkantoor.  Wij stappen terug in ons leventje.  Ons zalig leventje.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen