woensdag 19 februari 2014

Romeo & Julia. Gezien in de Vlaamse Opera, Gent.

Two households, both alike in dignity, in fair Verona, where we lay our scene, … Bij die woorden denk ik aan Romeo and Julia.  Ik denk aan het mooiste liefdesverhaal uit de literaire geschiedenis.  Of neen, ik denk aan het meest gekende liefdesverhaal uit diezelfde geschiedenis.  Ik moet mijzelf corrigeren.  Want wat is mooi? Dat verschilt van mens tot mens.  Eenieder heeft zo zijn eigen mening.  Over die mening kan heel misschien gediscussieerd worden.  Maar tot wat leidt dat debat? Al heel lang weet men immers dat over kleuren en smaken niet gediscussieerd wordt.  Om die ene reden corrigeer ik dus mijzelf.
 
Tot zaterdag dacht ik bij die woorden aan dat ene boek van William Shakespeare.  Meer was er niet in mijn hoofd.  Die woorden brachten mij automatisch bij dat ene boek.  Als een hond van Pavlov dacht ik bij Verona aan Shakespeare.  Dat was zo tot zaterdag.  Zaterdagavond veranderde alles.  Want die avond had ik kaartjes voor de voorstelling Romeo & Julia door het Koninklijk Ballet van Vlaanderen.  Donderdagavond was koningin Mathilde gegaan.  Daar kon ik niet bij zijn.  Ik moet bekennen, op de sociale ladder sta ik een trapje lager.  Donderdagavond kon ik dus niet mee aanschuiven.  Ik moest wachten tot zaterdag.
 
Vrijdagavond was ook een optie geweest.  Maar dan is het Valentijn, de feestdag van de geliefden.  Ik neem afstand van dat commerciële gedoe.  Liefde kan niet vertaald worden in cadeaus of etentjes.  Liefde moet beleefd worden.  Moet gevoeld worden.  Het hele jaar door.  Niet één enkele dag.  Niet één enkele, al te felrood gekleurde dag.  Geen kaartjes dus voor vrijdag.  Ik nam afstand.  Ik moest trouw aan mijzelf blijven.  Ik moest wachten tot zaterdag.
 
Zaterdagavond ging ik dan.  Naar Romeo & Julia.  De recensie in De Standaard had mij vooraf willen waarschuwen.  In die recensie las ik enig voorbehoud.  Dat kritische voorbehoud sloeg over op mij.  De avond zou wel eens kunnen tegenvallen.  Die bedenking spookte door mijn hoofd.  U ziet, recensenten hebben toch enige vorm van invloed.  Ongewild nestelen kritische woorden zich in je hoofd.  Zich afsluiten van die woorden lukt niet.  Een beetje aangetast stapte ik mijn loge binnen.
 
Wat die zaterdagavond gebeurde, is bijna niet te beschrijven.  Van bij het begin werd ik meegenomen op een trip.  Een trip van en over de liefde.  A lovetrip, zou ik het kunnen noemen.  Ik kende het verhaal.  Neen, ik had het niet gelezen.  Ik had de film gezien.  Soms verkies ik de film boven het boek.  Gemakzucht, ik pleit schuldig.  Ik had dus die aparte en knappe interpretatie van Baz Luhrmann gezien.  Die regisseur had het verhaal vertaald naar onze moderne tijden.  Die regisseur had enkele scènes vastgezet in mijn hoofd.  Die regisseur had in mij dat verhaal vastgezet.
 
Maar voorkennis was niet echt nodig.  Ik hoefde het verhaal niet te kennen van a tot z.  Woorden waren hier niet nodig.  Het verhaal werd vertaald in bewegingen.  Dans werd de taal.  Dans werd de poëzie.  Liefde werd ritmisch vertaald.  Niet woordelijk, niet letterlijk.  In elke beweging las ik de emotie.  In elke beweging las ik de passie.  In elke beweging las ik de liefde.  Maar ik las niet enkel liefde.  Andere emoties bedreigden die liefde.  Gingen die liefde in de weg staan.  Angst, twijfel, jaloezie, eer, trots, … Dat gevecht werd vertaald in dansbare bewegingen.  Soms intens en wild, soms ingetogen en minimaal.  
 
Ik zat op het puntje van mijn stoel.  Drie uur lang.  Drie uur lang keek ik gebiologeerd.  Naar een verhaal, dat ik reeds kende.  Naar een verhaal, dat ik nog nooit op deze indrukwekkende manier zag verteld.  Die dansers hadden mij in hun greep.  Die dansers brachten mij naar het einde.  Naar het fatale einde.  Maar die avond hoopte ik dat het anders zou lopen.  Die avond hoopte ik dat het voor één keer anders zou uitdraaien.  Dit verhaal mocht niet eindigen.  Niet eindigen zoals het geschreven was.  Want ik wou blijven kijken.  Kijken naar die dans.  Kijken naar die liefde.  Ik zei het al eerder, liefde moet gevoeld worden.  Liefde moet beleefd worden.  Dat is wat gebeurde op het podium.  Dat is wat gebeurde in mijn loge.  Ik voelde die liefde.  Ik beleefde die liefde.
 
Zaterdagavond had ik een mooie en intense avond.  Zaterdagavond had ik een prachtige en aangrijpende avond.  Met dank aan het Koninklijk Ballet van Vlaanderen.  Met dank aan het Brussels Philharmonic.  Die avond wist ik het weer.  Die avond kreeg ik de bevestiging.  Liefde is het hoogste goed.  Maar zij moet bevochten worden.  Elke dag weer.
 
Two households, both alike in dignity, … Ik hoor die woorden en ik denk aan dans.  Ik denk aan muziek.  Ik denk aan die vijftiende februari.  Ik denk aan het Koninklijk Ballet van Vlaanderen.

Speellijst:
Romeo & Julia – Stadsschouwburg Antwerpen.

Clip:
The making of.

donderdag 13 februari 2014

Natalia aan het kruis, Vlaanderen gered?

Natalia en de MIA’s.  Nooit gedacht dat hierover zwaar gediscussieerd zou worden.  Maar kijk, de wonderen zijn de wereld niet uit.  Natalia staat in het midden van een (sociale) mediastorm.  Beter nog, haar Kempense dialect staat in het middelpunt van diezelfde storm.  Blijkbaar stuit het vele mensen tegen de borst.  Die mensen kruipen in de pen.  Die mensen gaan de barricaden op.  Begrijpen wie begrijpen kan.  Ik kan het niet.  De Syrische tragedie? Ja, dan zouden wij de barricaden op moeten.  Dan zouden wij onze stem moeten laten horen.  De graaicultuur en de onverantwoordelijkheid binnen de banksector? Ja, dan zouden wij wel eens hard op tafel mogen slaan.  De toenemende ongelijkheid in de wereld tussen arm en rijk? Ja, dan zouden wij heel hard mogen roepen om krachtdadige actie.  Maar in al die gevallen blijft het stil.  Op enkele indignado’s na.  Die indignado’s confronteren ons met onze laksheid.  Met onze gemakzucht.
 
Verontwaardiging, het lijkt moeilijk te lukken.  Maar Natalia kan blijkbaar datgene bewerkstelligen wat ik lange tijd voor onmogelijk achtte.  De Vlaming kan nog verontwaardigd zijn.  Maar dan enkel over een non-issue.  Dan enkel over een non-event.  Heel even dacht ik dat deze al te stomme discussie zou beperkt blijven tot de sociale media.  Tot dat strijdtoneel, waarop nuance geen medespeler is.  Maar ik dacht verkeerd.  Want daar is de kracht van verandering.  Wilfried Vandaele, Vlaams volksvertegenwoordiger en gemeenschapssenator voor N-VA, haalt er de beheersovereenkomst van VRT bij.  Hij wijst met het vingertje.  Wat Natalia deed, kan niet.  Mag niet.  Dat haalt hij uit diezelfde overeenkomst.  Beetje triest, dat denk ik.  Beetje langetenerig, ook dat denk ik.  
 
Ik heb gekeken.  Ik heb Natalia gezien én gehoord.  Als sidekick (vergeef mij deze term) van Sam De Bruyn.  Neen, ik heb mij niet gestoord.  Jawel, ik heb een fijne avond gehad.  Ik heb mij gewarmd aan het vele Belgische talent.  Talent, dat ook over onze nationale grenzen hoge toppen scheert.  Het Kempense dialect? Neen, daar heb ik mij niet aan gestoord.  Dat hangt nu eenmaal samen met dat stripfiguurtje, dat in muziekkringen ook wel eens Natalia wordt genoemd.  Zij zijn één en onverbreekbaar.  Haar acte de présence (vergeef mij deze term) wil ik daarom best interpreteren als een bijdrage van de muzieksector tot het entertainmentgehalte van de show.  De verklaring van de VRT durf ik als acceptabel te beschouwen.
 
Eén ding maakt deze hele discussie duidelijk.  Vlaanderen krimpt.  Krimpen in het hoofd, dat bedoel ik dan.  Het Vlaanderen van de hardwerkende Vlaming zanikt en klaagt.  De kracht van verandering lijkt Vlaanderen mee te zuigen in een spiraal van negativisme.  Dat negativisme botst met mijn PIP (*)-status.  Die status heb ik mij onlangs toegekend, met dank aan Open VLD.  Dus neen, ik huil niet mee met de wolven.  Ik vaar tegen de stroom in terwijl ik uit volle borst ‘Formidable’ zing.  
 
En oh ja, beste Wilfried, u verwijst naar Jeroen Meus.  Daar durft u zich niet aan te verbranden.  Raken aan een volksheld, het kan uw imago schaden.  Nochtans is Jeroen Meus presentator en medewerker van VRT.  Maar uw zorg om uw imago en uw zorg om een herverkiezing weerhouden u de lijn consequent door te trekken.  Twee maten en twee gewichten?
 
(*) PIP = Positief Ingesteld Persoon.

woensdag 29 januari 2014

Is da nie gevaarlijk, manneken?

Wekelijks ga ik eenmaal lopen.  Soms twee maal.  Ik werk aan mijn conditie.  Dat geef ik als verklaring voor mijn wekelijkse inspanning.  De onderliggende reden hou ik voor mijzelf.  Want die reden klinkt misschien te ijdel.  Die reden zou heel misschien op de lachspieren kunnen werken.  Ik geef toe, de schrik voor een bierbuikje jaagt mij wekelijks de deur uit.  Dat is de eigenlijke, ware reden.  Dat buikje doet mij wekelijks de nodige kilometers vermalen.
 
Nu zou u kunnen denken dat die wekelijkse afspraak met mijn loopschoenen een hele opgave is.  U zou kunnen denken dat het aantrekken van die schoenen aanvoelt als een verplichting.  Maar dat is het niet.  Helemaal niet.  Ik kijk uit naar dat moment waarop ik mijn daarvoor geschikte plunje mag aantrekken.  Ik kijk uit naar dat moment waarop ik buiten stap en het lopen aanvat.
 
Elke week loop ik naar het centrum van Gent.  Elke week loop ik opnieuw van het centrum weg.  Dat doe ik niet alleen.  Neen, ik heb gezelschap.  Ik heb mijn oortjes in.  Dat is geen tastbaar gezelschap maar toch geven die oortjes mij het gevoel niet alleen te zijn.  In die oortjes zingen mijn muzikale helden mij toe.  Die helden moedigen mij aan.  Die muziek in combinatie met die lopende cadans brengen mij in een euforische extase.  Ik loop met mijn hoofd in de wolken.  Ik loop zonder te beseffen dat ik loop.  Bijna is het alsof ik zweef.  Jawel, bijna ben ik high.
 
Die oortjes? Daar is al heel wat over geschreven.  Daar is al heel wat over gezegd.  Het zou onveilig zijn.  Het zou ons al te zeer afleiden.  Onze aandacht voor het ons omringende verkeer zou bijna volledig wegvallen.  Wij zouden niet alert kunnen reageren op toeters, bellen of sirenes.  Die oortjes zouden ons blind en doof maken in het verkeer.  Die oortjes zouden levensbedreigend zijn voor de gebruiker.  Ik ken de discussie.  Ik ben mij bewust van de gevaren.  Maar toch steek ik die oortjes in.  Omwille van dat heerlijke, vrije gevoel.
 
Onlangs liep ik langs het water.  Op weg naar hartje Gent.  Een oud vrouwtje kwam mij tegen.  Ik wou haar groeten.  Ik ben een beleefde jongen.  Oude dames groet ik.  Maar daartoe kreeg ik niet de gelegenheid.  Zij wees mij aan.  Zij wees naar mijn oortjes.  Met een vermanend vingertje.  Dat die oortjes gevaarlijk zijn.  Dat vertelde zij mij.  Jawel, ik had het gehoord.  Mijn oortjes isoleren mij niet.  Zij zonderen mij niet af.  Ik blijf deel van de buitenwereld.  Ik lachte haar toe.  Ik schudde ontkennend mijn hoofd.  In discussie kon ik niet gaan.  Ik moest verder.  Ik moest door.  
 
De muziek gleed naar de achtergrond.  Dat oude vrouwtje verdrong die muziek naar de achtergrond en plaatste haarzelf op de voorgrond.  Dit was heerlijk.  Dit was bijna ontroerend.  Neen, dit was geen betweterig oud vrouwtje.  Helemaal niet.  Dit vrouwtje was oprecht bezorgd.  In die vermaning las ik haar wens voor mij op een lang leven.  Een lang leven, dat niet gehypothekeerd wordt door ongelukkige ongevalletjes.  Kijk uit en wees voorzichtig.  Zodat je lang kan leven.  Net zoals mij.  Dat hoorde ik in die ene waarschuwing.
 
Ik ga lopen.  Met die oortjes in.  Maar niet te luid.  Niet meer.  Nooit meer.  Oude vrouwtjes hebben de wijsheid.

dinsdag 28 januari 2014

Johnny Thijs. Dexia. Godverdomme! The sequel. Minister Koen Geens antwoordt.

Op 21/01/2014 publiceerde ik mijn artikel 'Johnny Thijs.  Dexia.  Godverdomme!'.  Op 25/01/2014 zond Minister Koen Geens mij het volgende antwoord:

Geachte heer,
 
Ik begrijp uw verontwaardiging bij de berichten over de lonen voor de nieuw benoemde directieleden van Dexia.
 
Uw analyse vertolkt het algemeen rechtvaardigheidsgevoel, dat bij de bevolking is ontstaan in de nasleep van de bankencrisis.  Door de crisis groeide het besef, dat er een wanverhouding was gegroeid tussen de hoge lonen en bonussen, die aan topmanagers werden uitbetaald en de mate van verantwoording die van hen gevraagd werd in de uitoefening van hun functie.
 
Momenteel zijn we aan een beweging bezig, die deze wanverhouding tracht recht te zetten.  In de bankenwet, die ik eind vorig jaar met succes aan het kernkabinet voorlegde, zijn onder meer het verbod op bonussen opgenomen voor banken, die staatssteun ontvingen en een beperking voor de andere banken, dit om het risicogedrag bij bankiers tegen te gaan.
 
Deze tegenbeweging gaat echter gepaard met naweeën.  Eén daarvan is het moeilijke zoeken naar een evenwicht tussen de economische realiteit van de concurrentie tussen bedrijven om bekwame mensen aan te trekken of te houden (waar u in uw analyse ook naar verwijst en wat voor de restbank Dexia van kapitaal belang is om de verliezen voor de samenleving maximaal te beperken) en het terechte onbegrip voor de bedragen waarmee dit gepaard gaat.
 
Het zijn deze twee zijden van de medaille die ik belicht heb in mijn antwoord op de vragen, die ik over de Dexia-lonen kreeg in de Kamer.  Het is spijtig, dat dat in de pers eenzijdig vertaald werd als ‘begrip vragen voor de beslissing’.  Ik bezorg u hierbij het Belga-bericht, dat over de ondervraging in de Kamer verscheen en dat een vrij getrouwe weergave brengt van het antwoord, dat ik gaf.
 
Ten gronde heb ik ook reeds dinsdag in de Kamer aangegeven, dat ik over de loonsverhoging overleg zou plegen met mijn Franse collega, de heer Pierre Moscovici en met de CEO van Dexia.  Dit overleg leidde ertoe, dat ik aan het remuneratiecomité en de Raad van Bestuur van Dexia de vraag stel om het loonbeleid voor de leden van het directiecomité te herbekijken.
 
Ik hoop, dat ik met deze toelichting u de toedracht van deze zaak heb kunnen verduidelijken.
 
Met vriendelijke groeten,
 
Koen Geens
Minister van Financiën
 
Belga-bericht: Dexia-lonen - FPIM speelde kritische rol in remuneratiecomité, verzekert Geens.
 
BRUSSEL 21/01 (BELGA) = De federale vertegenwoordigers hebben hun kritische rol gespeeld in het remuneratiecomité van Dexia, toen dat een salarisverhoging met dertig procent voorstelde voor enkele topkaderleden.
Dat heeft Financieminister Koen Geens dinsdag in de Kamer verzekerd.  Hij vroeg begrip voor de moeilijke situatie van de restbank, maar merkte ook op dat de staat het remuneratieverslag eventueel nog kan afkeuren op de jaarlijkse algemene vergadering.
Geens kreeg vanop zowat alle Kamerbanken vragen over de omstreden loonsverhoging. "Waar is het ethisch besef gebleven", klonk het meermaals.
Verschillende parlementsleden - ook uit de meerderheid - vonden dat de regering dit niet kon toelaten.
De minister vroeg echter begrip.  Hij verzekerde dat de Federale Participatie- en Investeringsmaatschappij (FPIM) als vertegenwoordiger van ons land haar kritische rol ten volle speelde, onder meer door te wijzen op het "zeer gevoelige karakter" van een loonsverhoging.  
België telt echter maar twee leden in de raad van bestuur. 
Zelf kan Geens de beslissing alvast niet laten terugdraaien.  Dat kan enkel de raad van bestuur. De staat kan als aandeelhouder wel het remuneratieverslag afkeuren op de jaarlijkse algemene vergadering, merkte hij op. België heeft 50,02 procent van de aandelen in handen.
Sowieso plant Geens nog overleg met zijn Franse evenknie Pierre Moscovici.  Of hij van plan is zo nog te ijveren voor een intrekking van de loonsverhoging, wilde hij niet kwijt.  De minister wil eerst van alle betrokkenen duidelijkheid.  Voor een conclusie is het nog te vroeg, zo liet hij optekenen. 
Geens vermoedt immers dat ook de banktop stevige argumenten heeft vóór de loonsverhoging.  Het is immers niet makkelijk nog geschikte mensen te vinden en gemotiveerd te houden aan de top van Dexia, zei de minister.  Heel wat getalenteerde mensen verlieten het schip al, terwijl een goede afbouw van de bad bank absoluut in het belang is van de overheidsfinanciën, besloot hij. 
KNS/KVH/ ./211906 JAN 14

maandag 27 januari 2014

Shylock. Gezien in Minard.

Shakespeare.  Wij zouden zoals in De Slimste Mens ter Wereld die ene vraag kunnen stellen: wat weet u over Shakespeare? Het zou snel gaan.  Juiste antwoorden zouden voorbij flitsen.  Als een hond van Pavlov zou u Romeo and Julia roepen.  Hamlet zou u schreeuwen.  The Merchant of Venice zou u gillen.  Macbeth zou u zenuwachtig stotteren.  Ondanks vier topantwoorden zou u blijven doorgaan.  Want u zou op dreef zijn.  U zou niet te stoppen zijn.  King Lear, Othello, The Tempest, …U zou een halt moeten toegeroepen worden.  U blijkt een meester te zijn in het opsommen van werken van Shakespeare.
 
Moeilijker zou het worden als u gevraagd wordt naar de inhoud van de verschillende werken.  Als u gevraagd wordt de verhaallijnen heel beknopt weer te geven.  Dat zou minder vlot gaan.  U zou zich beperken tot algemeenheden.  Over de liefde, zou u heel beknopt antwoorden.  Over familievetes.  Over koningsdrama’s.  Over misverstanden.  Uw aanvankelijke, uitgebreide kennis zou doorprikt worden.  Voor die antwoorden zou u zich moeten wenden tot een hulplijn.  U zou een reddingsboei moeten uitgooien.
 
Ik heb de perfecte reddingsboei gevonden.  Niemand beter dan Jan Decorte kan het gat in uw kennis opvullen.  Bijna elk jaar brengt hij een werk van Shakespeare op de planken.  In een eigen, hertimmerde versie.  In het taaltje van Decorte.  Zo zag ik enkele jaren terug Wintervögelchen, een Decorteaanse vertaling van The Winters’s Tale.  Ik was toen behoorlijk onder de indruk.  Donderdagavond stond Decorte opnieuw in Gent met een nieuw stuk: Shylock.  In dat stuk neemt hij The Merchant of Venice onder handen.  De goede ervaringen uit het verleden riepen mij naar de Minardschouwburg.  Donderdagavond was ik present.
 
 
Het voelde als een verhaaltje voor het slapengaan.  Dat klinkt wat minnetjes maar dat is het niet.  Verhaaltjes verteld krijgen aan bed vond ik altijd heel fijn.  Nu was er evenwel niet één verteller.  Vijf rasvertellers kwamen aan mijn bed zitten om het verhaal te vertellen.  Kort en bondig.  Geen lange uitweidingen.  Enkel de hoofdlijnen, zonder enig detail.  Het verhaal werd sappig gebracht.  Niet droogjes.  Er mocht al eens gelachen worden.  Dat is niet zo vreemd want The Merchant of Venice is één van de komedies van Shakespeare.
 
Enkel een vertelling? Neen, het was meer.  Acteurs vertellen niet enkel.  Acteurs acteren, dat is de hoofdreden van hun bestaan.  Dat was ook donderdagavond zo.  Elk speelde hun toegewezen rol.  Met verve.  Met overtuiging.  Met een licht humoristische toets.  Die humoristische invulling van de eigen rol maakte het stuk licht maar nooit goedkoop.  De voorstelling bleef drijven op hoogstaande finesse.  Het leek allemaal gemakkelijk.  Maar dat was het niet.  Die indruk is enkel toe te schrijven aan het vakmanschap van de acteurs.  De acteurs spelen stuntelig, bijna kinderlijk.  Dat draagt bij tot een warme, charmante toegankelijkheid.
 
Shylock, een tweede kennismaking met Jan Decorte.  Alweer niet teleurgesteld.  Alweer gaf Jan Decorte mij een prachtige avond.  Jan Decorte, de meester-vertaler van Shakespeare.  Jan Decorte, de rasverteller.  Jawel, Jan Decorte biedt een kwaliteitsgarantie.

Speellijst:
Shylock – Jan Decorte/Bloet en Comp. Marius.

vrijdag 24 januari 2014

Mooie liedjes: London Grammar.

Vorig jaar kwam de debuutplaat van London Grammar uit.  Over België had de groep blijkbaar twijfels.  Bij dit debuterend groepje werd getwijfeld of wij wel klaar zouden zijn om deze groep te verwelkomen op de internationale muziekscene.  Er heerste twijfel of wij hen wel in de armen zouden sluiten.  De twijfel brokkelde slechts heel geleidelijk af.  Drie maanden na de eigenlijke releasedatum werd de plaat ook in België uitgebracht.  
 
In de meeste eindejaarslijstjes stonden ze vermeld.  De commentaren op hun debuut 'If you wait' waren unaniem lovend.  In het zoeken naar referenties werden grote  namen aangehaald.  Ze werden vergeleken met The XX en met Florence and the Machine.  Soms met Keane.  Maar dat laatste gebeurde dan wel door een minder hippe recensent.  Een recensent die de aansluiting met de nieuwe lichting gemist had.
 
Hun muziek baadt in intimiteit en sfeer.  Daar is de stem van zangeres Hannah Reid niet vreemd aan.  Wat zij met haar stem doet en kan, is fenomenaal.  U moet het horen.  Met veel gemak flaneert zij van hoogtes naar laagtes in stembereik.  Alsof het helemaal niks is.  Het is een understatement te beweren dat dit vrouwtje heel wat in haar mars heeft.
 
Op 2 maart staan London Grammar in de Brusselse Botanique.  U wil zich laten verleiden? U wil zich laten bekoren? U wil zich laten betoveren? Luister naar die stem.  Kijk in haar ogen.  Maar bovenal: koop een kaartje.

Link:
London Grammar.

donderdag 23 januari 2014

Poetin en Assad. Twee handen op één buik.

In bijna niks verschilt de mens van een dier.  Enkel een heel dun laagje beschaving onderscheidt hem van een dier.  Slechts heel even krabben en de mens wordt een dier.  Die woorden sprak mijn moeder als wij op het journaal verschrikkelijke dingen zagen.  Verschrikking bracht mijn moeder tot die woorden.  Aan die woorden dacht ik toen deze week de folterpraktijken door het Syrische regime aan het licht werden gebracht.  Folterpraktijken op grote schaal.  In die mate zelfs dat de advocaten, die de beweringen van Caesar onderzochten op de echtheid, spraken van een moordmachine op industriële schaal.  Caesar was de Rubicon overgestoken.  De wereld zou volgen.  Dat dacht ik bij dit wrede nieuws.  De wereld zou volgen in het uiten van terechte verontwaardiging.  Maar het bleef stil.  Alweer.
 
Vredesonderhandelingen waren net gestart.  In Montreux ontmoeten de strijdende partijen elkaar.  Beide kampen hebben elk hun supporters.  Aan de kant van Assad staan Rusland en China.  Ondanks het hoge aantal burgerslachtoffers in deze oorlog en ondanks de reeds aangeklaagde gifgasaanvallen blijven beide landen trouw aan Assad.  Met de onthullingen van Caesar zou dat wel even anders worden.  Hun beschermeling zou geïsoleerd komen te staan.  Assad zou in zijn blootje staan.  Machtspolitiek en geostrategische overwegingen zouden plots van geen tel meer zijn.  Misdaden tegen de menselijkheid (want zo kunnen wij dit intussen wel noemen) zouden toch wel een eind maken aan het spelen van spelletjes.  Blijkbaar blijkt de wereldpolitiek niet voor softies te zijn.  Want Rusland en China wijken niet.  De minimale eis van de oppositiepartijen, een overgangsregering waarbij Assad aan de kant wordt gezet, wordt afgewezen door Rusland en China.
 
Rusland en China blijven de hand boven het hoofd van Assad houden.  Begrijpen wie begrijpen kan.  Wie een dergelijke op macht beluste dictator in bescherming neemt, maakt zich schuldig aan medeplichtigheid.  Neen, zij hebben hun handen niet vuil gemaakt.  Maar door hun wegkijken druipt het bloed van de slachtoffers ook van hun maatpakken af.  Voorgaande is misschien een beetje te pathetisch.  Maar soms hebben wij nood aan dat beetje pathetiek om de dingen scherp te stellen.
 
Ik weet niet wat het is.  Ik begrijp de internationale houding tegenover Rusland niet.  De manier waarop Poetin omgaat met kritische stemmen zet vraagtekens bij de vrijheid van meningsuiting.  We hoeven hiervoor maar te verwijzen naar de processen tegen Pussy Riot en Chodorkovski.  Of de arrestatie van de Greenpeace demonstranten op de Arctic Sunrise.  We kunnen de wetgeving aanhalen gericht tegen de holebi-gemeenschap en de niet-gouvernementele organisaties.  Oppositie wordt bijna monddood gemaakt.  In diplomatieke termen zal het waarschijnlijk heten dat oppositie voeren bemoeilijkt wordt.  Rusland voert een brute machtspolitiek.  Dat zien wij in Syrië.  Dat zien wij in Oekraïne.  Dat zien wij in Tsjetsjenië.  Dat zien wij in Georgië.
 
Pussy Riot? Chodorkovski? Arctic Sunrise? U zal die namen lezen en u zal terecht opmerken dat deze toch amnestie hebben verkregen.  Inderdaad, laat mij dan misschien verwijzen naar Litvinenko en Politkovskaja.  Twee opponenten die in verdachte omstandigheden werden omgebracht.  Telkens werd met een beschuldigende vinger naar het Rusland van tsaar Poetin gewezen.
 
Wat doet de internationale politiek? Zij doet alsof er geen vuiltje aan de lucht is.  De wereldleiders blijven uitnodigingen sturen voor Davos en G20.  De wereld gaat heel binnenkort naar Sotsji.  Voor de Olympische Winterspelen.  Rusland wikt en beschikt.  De wereld kijkt toe.  Onmachtig, als een marionet.  Die onmacht versterkt het gevoel van onaantastbaarheid bij Poetin.  Dat gevoel laat Poetin toe die gekke capriolen uit te halen in het Syrische dossier.  Want nooit werd hij door de internationale politiek op de vingers getikt.  Heel misschien in heel bedekte en onschadelijke termen.  Poetin weet dat.  Poetin beseft dat.  Dus doet hij gewoon voort.
 
Vrede in Syrië, ik zie het niet onmiddellijk gebeuren.  Jawel, mijn moeder heeft gelijk.  Een dun laagje? Een heel dun laagje.
 
Links: