woensdag 2 juli 2014

België - VS. Jawadde! Een heerlijke voetbalavond.

Man, man, man.  Man, man, man.  Man, man, man.  Man, man, man.  Eindeloos kan ik zo doorgaan.  Oneindig en tot in de eeuwigheid.  Die woorden zouden kunnen volstaan.  Als samenvatting van één wedstrijd.  Want in die herhaling van woorden zit eigenlijk alles vervat.  Drama en passie.  Vechtlust en volharding.  Die vaste wil om te overwinnen.
 
Die zege werd ons als een bijna zekerheid voorgespiegeld.  België zou doorstoten naar de kwartfinales.  Daarover waren alle analisten het eens.  In die analyses volgen zij de voetballogica.  De Belgische voetbalsterren zouden het halen.  Geen twijfel mogelijk.  Ik zelf was voorzichtig.  Het onderschatten van de tegenstander, daar hou ik mij ver weg van.  Ik ken het gevaar van de underdog.  Vaak durft die te verrassen.  Die underdog heeft niks te verliezen.  Slechts alles te winnen.  Dat maakt de underdog gevaarlijk.  Onverwachts kan hij klauwend toeslaan.  Jarenlang hebben de Rode Duivels in die positie gestaan.  Nu niet meer.  Wij hebben die underdogpositie afgelegd.  Onder druk van de massahysterie.  Met hoge verwachtingen trokken wij naar dit WK.  Als favoriet zouden wij moeten acteren.  In de voorrondes hadden wij die favorietenrol nog niet echt overtuigend ingevuld.  Te veel rekenwerk blokkeerde ons spel.  De handrem op.  De billen dicht.  Jawel, wij haalden negen op negen.  Een unieke prestatie.  Maar wij wilden meer.  Hoopvol keken wij uit naar de 1/8 finale.  Tegen de Verenigde Staten moest het gebeuren.
 
Het voetbalvirus had mij volledig in zijn greep.  Alle reserves liet ik achter mij.  Ik zou onze Duivels toeschreeuwen.  In de gepaste kleuren.  Op mijn wangen en neusvleugels en in de hals had ik de juiste oorlogskleuren aangebracht.  Op mijn hoofd een duivels petje.  In een rood shirt, dat spreekt voor zich.  Mijn stembanden waren in optima forma.  Mijn cardiologische status was opperbest.  Ik was klaar.
 
Vrienden hadden hun garage opengesteld.  Een verjaardagsfeestje werd vroegtijdig afgebroken.  Voetbal vraagt offers.  De jarige had hiervoor begrip.  Wij verhuisden naar de garage.  In de hoop dat wij in die garage verder konden vieren.  Wij waren enthousiast.  Wij waren vol hoop.  Mijn optimistische pronostiek (4-0) moest alle negativiteit wegmasseren.  Moest alle bange vermoedens wegfilteren.  De Belgische driekleur wapperde.  Wapperend beloofde zij ons de zege.  Vanavond zou die vlag niet halfstok hangen.  Geen diepe rouw.  Wel een hevig feestje.
 
Het fluitsignaal.  De aftrap.  Geen afwachtende houding.  Onmiddellijk werden de kanonnen in stelling gebracht.  Geen aftasten.  Wel zonder enig voorbehoud in de aanval.  Vroeg storen en onmiddellijk omschakelen (dat hippe woordje moest in mijn verslag).  Wat de Rode Duivels in de vorige wedstrijden al te vaak vergeten hadden, werd nu meer dan ruimschoots gecompenseerd.  Een storm overspoelde onze tegenstanders.  Onze Duivels hadden peper in hun gat.  Zij speelden vol vuur.  Niemand liet het afweten.  Allen speelden op een niveau, dat enkel als buitenaards kan omschreven worden.  Onze sterren schitterden.  Alsof zij eindelijk begrepen wat een ster moet doen.  Een ster moet fonkelen, glitteren, schitteren.  Dat deden zij.  Vol overtuiging.
 
Uit voorgaande zou u kunnen afleiden dat slechts één team op het veld stond.  Maar dat was niet zo.  De Verenigde Staten lieten zich niet wegdrukken.  Zij speelden mee.  Kwamen ook dreigen aan doel.  Het spel ging heen en weer.  Halve en volle doelkansen, aan beide zijden.  Met een overwicht van de Belgen.  Dit was één van de mooiste wedstrijden uit het kampioenschap.  Hierover kan misschien gediscussieerd worden.  Heel misschien gaat uw voorkeur uit naar een andere match.  Toch moeten wij het over één ding eens zijn, dit was de spannendste wedstrijd.  Die spanning ging diep.  Hing als een wurggreep rond mijn hals.  Dit was geen televisieavond voor hartlijders.  Harten konden exploderen.  Ik kan het niet bevestigen, toch vermoed ik dat spoeddiensten overstelpt werden met slachtoffers van deze voetbalgekte.  Van deze voetbalwaanzin.
 
Negentig minuten volstonden niet.  Verlengingen waren noodzakelijk.  Maar zelfs toen ging de storm niet liggen.  De Belgische motor bleef draaien.  Weigerde af te slaan.  Inspanningen worden beloond.  Dat zei mijn vader altijd toen ik twijfelde over mijn slaagkansen bij een examen.  Niet enkel in het onderwijswereldje gaat deze wijze stelling op.  Ook in voetballand wordt deze stelling gehonoreerd.  De Belgen scoorden twee maal.  Met Romelu Lukaku in een glansrol.  Sportieve wraak.  De verguisde speler keerde terug in onze armen.  Vergeten waren plots alle striemende kritieken.  Hij werd onze held.  Want hij liet ons weer ademhalen.  Opgelucht ademhalen.  Hij bracht zekerheid.  Alhoewel die zekerheid toch nog bevochten werd door een tegengoal.  De Amerikanen weigerden zich neer te leggen bij dit eindoordeel.  Het nagelbijten ging door.  Tot net voorbij dat laatste fluitsignaal.
 
Voetbal, een feest? Jawel, jawel, jawel.  Heel zeker.  Als ooit aan buitenaardse wezens moet uitgelegd worden wat voetbal precies is, dan kunnen wij de beelden van deze wedstrijden tonen.  Bewaar dus die beelden.  Want hierin waren alle ingrediënten voor een heerlijke voetbalavond aanwezig.
 
Slapen lukte niet onmiddellijk.  Te veel adrenaline stroomde nog doorheen mijn lichaam.  Ik kon mijn ogen niet sluiten.  Beelden flitsten steeds weer door mijn hoofd.  Onder mijn slaapkamerraam hoorde ik het feestgedruis.  Knorpotten zouden durven gewag maken van storend nachtlawaai.  Ik niet.  Dit was een prachtsymfonie.  Gecomponeerd door dolenthousiaste fans.  Geholpen door alcoholvolle pinten.  Door flitsend en wervelend sambavoetbal.  In mijn bed zong ik met hen mee.  We are the champions, my friend.  
 
Op naar Argentinië.  Met eenzelfde vechtlucht en speelvreugde kan het zaterdag een mooie dag worden.  Laat het ons hopen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen