dinsdag 4 juli 2017

Mooie liedjes: Helsinki. Brief aan Thomas Vanelslander (en bij uitbreiding aan Pim De Wolf, Ace Zec en Joos Houwen).

Beste Thomas,
 
Het kan soms raar lopen in een mensenleven.  Een samenloop van omstandigheden kan tot verrassende resultaten leiden.  Zo las ik onlangs Vos van Leon Verdonschot.  Een boek over Luc De Vos.  Hij was de frontman van Gorki.  Die band zal u niet vreemd zijn.  U was gitarist in die Gentse groep.  Het lijkt vreemd dat ik dit allemaal herhaal voor u.  Alsof u hiervan niet op de hoogte zou zijn.  Toch wil ik dit omweggetje maken.  Soms is een kromme lijn te verkiezen boven een rechte lijn.  Die omweg heb ik nodig om aan te tonen dat wij ooit iets hebben gedeeld.  Wij deelden Luc De Vos.  Voor u was hij een vriend.  Voor mij was hij een idool.  Ik moet toegeven, idool is misschien een te groot woord.  Maar ik had het volle respect voor Luc.  De manier waarop hij zich presenteerde naar de buitenwereld toe kon op mijn goedkeuring rekenen.  Grappig.  Steeds met een kwinkslag.  Het jongetje, dat weigerde volwassen te worden.  Jawel, hij had mijn volle sympathie.
 
Over het boek schreef ik een stukje op mijn blog.  In de vorm van een brief gericht aan de auteur.  Omdat wij dat ene gemeenschappelijke hadden, meende ik dat ik die brief ook aan u mocht doorsturen.  Ik dacht dat het u wel zou kunnen interesseren.  Omwille van uw verleden, dat deels in Gorki lag.  Corresponderen met om het even wie is deze dagen geen enkel probleem meer.  Vroeger was het anders.  Toen moesten brieven geschreven worden.  Met pen.  Brieven moesten verstuurd worden per post.  Indien het thuisadres van de bestemmeling niet gekend was, kon de brief niet verstuurd worden.  Zo eenvoudig was het toen.  Nu is het anders.  Nu hebben we Facebook.  Facebook verving de postbode.  Facebook maakt iedereen bereikbaar.  Of toch bijna iedereen.  U was bereikbaar.  Ik zond u de brief.
 
Die brief kreeg een vervolg.  Wij werden vrienden.  Op Facebook.  Dat maakt een verschil.  Tussen een vriend op Facebook en een vriend in de echte wereld gaapt een kloof.  Een kloof, die nooit of toch heel zelden kan overbrugd worden.  Ik ben mij daarvan bewust.  Maar het geeft wel aan dat ik een gezonde interesse betoon in wat u doet.  Beroepsmatig.  Het interesseert mij te weten wat u muzikaalgewijs nog doet.  Ik wilde weten of er nog leven was na Gorki.
 
Dat leven bleek er te zijn.  Dat stelde ik al snel vast.  U zond mij een uitnodiging.  U vroeg mij de FB-pagina van Helsinki leuk te vinden.  Helsinki? Dat bleek uw nieuwe project te zijn.  U had mij nieuwsgierig gemaakt.  Ik ging op onderzoek.  Het eerste, dat ik opmerkte, was dat het begrip nieuw in ‘nieuwe project’ relatief was.  Eind 2015 bracht u een EP uit: The Band Not The City.  U draait dus al een tijdje mee.
 
Helsinki blijkt een groep te zijn met als thuisbasis Gent.  U verzamelde rond u een aantal collega-muzikanten.  Pim De Wolf van Thou.  Van Lords of Acid.  Ace Zec van Nailpins.  Van Customs.  Joos Houwen van DVKES.  Van The Tellers.  Samen vormen jullie Helsinki.  Nu zou u kunnen denken dat ik enkel over uw band gelezen heb.  Dat is niet zo.  Ik deed meer.  Ik ging ook luisteren.  De mogelijkheden om nieuwe muziek te leren kennen, zijn in deze moderne tijden velerlei.  Een tastbaar schijfje is niet echt meer nodig.  Andere oplossingen zijn mogelijk.  Eén van die oplossingen bracht mij naar The Band Not The City, uw debuut EP.
 
Vettig.  Dat is het eerste woord, dat in mij opkomt als mij zou gevraagd worden uw muziek te omschrijven.  In kringen van dieetgoeroes zou dat woord allerlei alarmlichtjes doen knipperen.  Dat is niet zo in de wereld van muziek.  Bij vettige rock gaan muziekliefhebbers op de rand van hun stoel zitten.  Ik luister en denk aan The Black Keys.  Die link moet aantonen dat uw muziek niet kan ingeperkt worden door Belgische grenzen.  U klinkt internationaal.  Om aan te tonen dat u gegroeid bent uit goede, Belgische potgrond kan ik u ook nationaal linken.  Ik zou u dan willen koppelen aan Triggerfinger.  Aan hun debuutwerk.  Die klinkt meer rechttoe rechtaan.  Minder gepolijst dan hun latere werk.  Aan die heerlijke begindagen doet uw muziek denken.
 
Aan het eind van uw EP kwam u met een aangename verrassing.  U kwam met een cover.  Een cover van één van mijn helden.  U bracht Red Right Hand van Nick Cave.  Ik zag het staan.  Ik dacht aan een gewaagde gok.  Aan het werk van Nick Cave raakt men niet ongestraft.  Dat kan enkel uitdraaien in het nadeel van degene, die covert.  Mijn held kan niet geëvenaard worden.  Kan niet overtroffen worden.  Maar dan hoorde ik uw versie.  U overtuigde mij van het tegendeel.  U bracht een eigen versie.  Een versie, die op zichzelf kan staan.  Ik dacht niet langer aan Nick Cave.  Ik dacht aan Helsinki, die lefgozers uit Gent.  Die lefgozers, die het aandurfden te raken aan Nick Cave.  Die lefgozers, die slaagden in hun opzet om een meesterwerk op een waardige wijze eer te betuigen.
 
Nu zou u kunnen denken dat enkel die ene cover mij overtuigde.  Dat enkel de interpretatie van andermans werk mij kan overtuigen van uw vakmanschap.  Zo is het niet.  Uw eigen werk bevestigt en onderstreept datzelfde vakmanschap.  Better way.  Fire, fire, fire.  Restless.  Heerlijk.  Ik luister en denk aan een podium.  Want dat is waar uw muziek om vraagt.  Waar uw muziek om schreeuwt.  Dat is ook waar ik naar uitkijk.  Naar een concert.  Ik wil jullie live aan het werk zien.  Want deze muziek moet gespeeld worden.  Moet luid gespeeld worden.  Als dat gebeurt, zal er gesprongen worden.  Zal er gedanst worden.  Helsinki op een podium.  Dat moet echte rock-’n-roll zijn.  Dat moet een feestje zijn.  Dat kan niet anders.  Daar wil ik bij zijn.  Ook dat kan niet anders.
 
Beste Thomas.  Het heeft lang geduurd.  Heel misschien te lang.  Maar nu heb ik jullie ontdekt.  Nu zal ik jullie volgen.  Nu zal ik uitkijken naar jullie volwaardige debuutalbum.  Want dat komt er aan.  Dat heb ik gelezen.  Helsinki, ik heb de band ontdekt.  Niks zal ooit nog hetzelfde zijn.
 
Ik wens jullie veel succes.
 
Met vriendelijke groeten.
 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen