vrijdag 20 maart 2015

Mijn reisverhaal Peru en Bolivia. Dag 24: Brussel. The end.

Wij landen in Brussel.  Wij zijn in België.  Terug in België.  In ons eigen landje.  Heel binnenkort in ons eigen huisje.  In onze vertrouwde omgeving.  Wij zouden moeten blij zijn.  Blij om onze behouden thuiskomst.  Dat zijn wij ook.  Maar naast die blijheid is er ook dat andere gevoel.  Een gevoel van verlatenheid.  Ondanks een volle aankomsthall voel ik mij verlaten.  Alleen.  Dat ben ik niet.  Ik ben geen eenzaam zielenpootje.  Naast mij loopt de liefde van mijn leven.  Externe factoren geven mij dat allenige gevoel.  
 
De vakantie is voorbij.  Dat nieuws komt hard binnen.  Dat besef doet een mens niet huppelen van plezier.  Integendeel, dat besef maakt mijn voeten zwaar.  Ik sleep mij vooruit.  Op automatische piloot voer ik alle noodzakelijke handelingen uit.
 
Bij het verlaten van het vliegtuig voel ik het groepsgevoel afbrokkelen.  Dat groepsgevoel, dat ons drie weken lang vergezelde, is weg.  Plotseling en eensklaps.  Een groep valt uiteen in individuen.  Een groep met één gemeenschappelijke agenda valt uiteen in aparte elementen met elk een eigen agenda.  Weg is dat gemeenschappelijke.  Wij kijken elkaar aan.  In elkaars ogen lezen wij dat voortschrijdende proces.  Dat ontbindende proces.
 
Niet enkel is het groepsgevoel weg.  Aangename gewoontes vervallen.  Alsof op die gewoontes een vervaldatum staat.  Eigenlijk is dat ook zo.  Op het moment van het boeken van de reis kennen wij die vervaldatum.  Die datum valt samen met het einde van de reis.  Dat weten wij.  Die nuchterheid hebben wij bij het boeken.  Maar die kennis glijdt van ons af.  Eenmaal wij in Peru staan denken wij niet meer aan die vervaldatum.  Alles lijkt voor de eeuwigheid.  Dat willen wij.  Bij aankomst in Brussel worden wij hard wakker geschud uit onze droom.  De realiteit slaat ons in het aangezicht.
 
Afscheid nemen bestaat niet.  Dat zingt Marco Borsato.  Vandaag beseffen wij dat het wel degelijk bestaat.  Wij beseffen dat het pijn doet.  Bij het begin van de reis waren wij onbekenden voor elkaar.  Onbekenden, die toevallig gekozen hadden voor eenzelfde reisbestemming.  Peru en Bolivia.  Elk met zijn eigen redenen.  Elk met zijn eigen verwachtingen.  Tussen elk van ons bestaat een zekere afstand.  Gecreëerd door een afwachtende houding.  Toch heel eventjes de boot afhouden.  Maar al snel wordt die afstand overbrugd.  Onbekenden worden vrienden.  Of toch bijna.  Vrijblijvende gesprekken over onschuldige koetjes en kalfjes vervellen tot meer persoonlijke gesprekken.  De muur rond elkeen wordt gesloopt.  Openheid treedt in de plaats.
 
Vrienden? Het klinkt een beetje zwaar.  Misschien een tikkeltje overdreven.  Slechts drie weken samen en toch al vrienden? Ik durf dat woord in de mond te nemen.  Wij hebben ervaringen gedeeld.  Leuke en minder leuke momenten hebben wij samen doorgemaakt.  Wij hebben elkaar gesteund.  Elkaar moed ingesproken en opgepept.  Wij hebben samen gelachen en gedronken.  Dat allemaal samen is toch wat vrienden doen.  Dat hebben ook wij drie weken lang gedaan.
 
Aan de luchthaven nemen wij afscheid.  Wij kussen elkaar ten afscheid.  Zwaaien elkaar uit.  Dit is het einde.  Het werkelijke einde van onze reis.  Het doet pijn.  Neen, onmiddellijk die  vaste gewoontes aannemen en oppakken lukt niet.  Aanpassen is noodzakelijk.  Slechts heel traag zal ik opnieuw in mijn gewone leventje stappen.  Dat proces zal tijd vergen.  Dat weet ik.  Dat besef ik.  Enkel mijn fantastische herinneringen zullen een balsem op de wonde zijn.
 
Peru? Bolivia? Het is goed geweest.  Het is leuk geweest.  Maar alle varkentjes hebben een lange snuit.  Die varkentjes met een lange snuit vertellen dat het verhaal uit is.  Dat is het ook.  Over en uit.
 
Wij gaan nu uitkijken voor een volgende reis.  Want ook dat is de realiteit.  Het einde van de ene reis betekent het begin van een andere.  Zo blijven wij dromen.  Zo blijven wij reizen.  Zo blijft het leven overheerlijk fantastisch.
 
PS – Tot slot:
Het zou kunnen gebeuren.  Heel misschien zou u alles nog eens willen herlezen.  Maar dan niet op die verdomde computer.  Wel op die aloude wijze.  De papieren versie, die zou u wel nog eens willen lezen.  Bijna zou ik zeggen, het boek.  Maar die pretentie heb ik niet.  Indien u dus een papieren versie wenst, kan dat.  Gewoon op dit stukje reageren (‘geen opmerkingen’ onderaan dit stukje aanklikken en uw wens nalaten).  Een mailtje naar mij kan ook altijd.  Uw vraag zal gehonoreerd worden.  Ik zend u een pdf-versie door van mijn reisverhaal.  Met veel plezier zal ik dit doen.  Blij u nog eens te mogen verwelkomen als lezer.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen