dinsdag 20 januari 2015

Glass van Isabelle Beernaert. Gezien in Capitole.

Beste Isabelle,
 
Ik zag uw twee voorgaande dansvoorstellingen.  Zaterdagavond zag ik uw nieuwste creatie.  Derde keer, goede keer.  Dat zou ik kunnen zeggen.  Toch doe ik het niet.  Want in dat veel gebruikte gezegde schuilt een onterechte beschuldiging.  Een onterechte beschuldiging tegenover u.  Dat gezegde zou immers suggereren dat de twee voorgaande voorstellingen wat minnetjes waren.  Dat ze ondermaats waren.  Dat waren zij geenszins.  Beide voorstellingen stonden op een hoog niveau.  Een niveau waar kwaliteit de regel zet.  U ziet, dat gezegde droeg geen enkele waarheid in zich.  Het enige wat waar was, is dat ik u een derde keer zou zien.  Ik keek enorm uit naar deze nieuwe ontmoeting.
 
You can’t find peace by avoiding life.  Rond die quote uit The Hours wordt de voorstelling opgebouwd.  Die quote is de kern.  De boodschap.  Uw dansers verbeelden die stelling.  Zij staan in dat leven.  Niet aan de rand, als toeschouwer.  Wel in het centrum, als actieve deelnemer.  Door dat leven razen zij.  Lopen zij.  Strompelen zij.  Met vallen en opstaan proberen zij iets van het leven te maken.  Door steeds maar weer te blijven gaan hopen zij van het leven, dat toch een prachtig geschenk is, iets unieks te maken.  Iets wat hen onderscheidt van de grijze massa.  Die grijze massa willen zij ontvluchten.  Zij willen er bovenuit steken.  In die pogingen botsen zij vaak.  Vaak maar bovenal hard.  Vaak knallen zij met hun gezicht tegen de muur.  Vaak struikelen zij over te grote obstakels.  Maar ondanks alle problemen pakken zij zich telkens weer op.  Telkens weer rapen zij al hun moed bijeen om toch maar weer een poging te ondernemen.  Een nieuwe poging.  Een zoveelste poging.
 
Deze voorstelling is een trendbreuk.  Een bewuste trendbreuk, zo voelt het aan.  U wou even weg van het populaire.  U wou andere horizonten verkennen.  U keerde zich weg van het licht.  Donkerte overheerst in deze voorstelling.  Misschien niet in de kleuren, wel in de emotionaliteit.  Die emotionele geladenheid is zwart.  Zwaar op de hand.  Dat blijkt ook uit de keuze van de muziek.  Geen leuke deuntjes.  Geen hits.  Geen meezingers.  De muziek is moeilijker verteerbaar.  Een aanvulling en versterking van de dans.  Zoals het moet.  Zoals het hoort.
Het wordt geen ‘walk in the park’.  Dit voelt als een slag in het gezicht.  Een stomp in de buik.  Zo komt het over.  Zo interpreteer ik dit stuk.  U doet een oproep.  In die voorstelling ontdek ik een megafoon waardoor u luid roept het leven te omarmen.  Niet bang afwachten.  Wel het leven instappen met overtuiging.  Met goesting.
 
Dat is wat uw dansers doen.  Ondanks alle pijn blijven zij er voor gaan.  Ondanks alle kommer en kwel.  Ondanks alle miserie vinden zij steeds weer die drive te streven naar het beste.  Naar het mooiste.  Zij krijgen stampen.  Zij krijgen slagen.  Zij incasseren maar blijven op dat rechte pad.  Dat pad dat hen naar bevrijding brengt.  Die bevrijding vinden zij.  Of wat had u gedacht.  De donkerte brokkelt af.  De schemer glijdt weg.  Licht treedt in.  
 
Liefde overwint alles.  Liefde is de motor van het leven.  De benzine.  De aandrijfkracht.  Doorheen de voorstelling grijpen de dansers constant.  Naar elkaar.  Alsof zij een houvast zoeken.  Vaak lukt het.  Maar steeds maar tijdelijk.  Zij verliezen grip.  Zij moeten lossen.  Om alleen achter te blijven.  Maar zij blijven grijpen.  Zij klampen zich aan.  Aan toevallige passanten.  Aan gelijkgestemden.  In de hoop niet alleen te moeten gaan.  In de hoop samen die levensweg te kunnen bewandelen.  Dat lukt.  Uiteindelijk.  Uiteindelijk vinden zij de ware.  De echte.  De enige.
 
Uw voorstelling eindigt in een helder en positief licht.  Ik kan opnieuw vrij ademhalen.  Al te zeer had ik meegeleefd met uw dansers.  Vanuit mijn stoeltje wenste ik hen alle geluk.  Ik wou hen behoeden.  Beschermen.  Maar ik kon het niet.  Ik mocht het niet.  Interveniëren was mij als toeschouwer niet toegestaan.  Maar u kon dat wel.  Als choreografe kon u dat wel.  Dat deed u ook.  U greep in.  Door aan het eind mee te geven dat alles dan toch uiteindelijk goed komt.  Dat zware blok, dat op mijn hart drukte, lichtte u.  U nam het weg.  Het voelde alsof u mij influisterde dat het leven de moeite waard is.  Meer dan de moeite waard.  Altijd.  Geen uitzonderingen.
 
Toch was er aan het eind nog die ene voetnoot.  Die voetnoot, die moest gelezen worden.  Zij mocht niet genegeerd worden.  Te belangrijk.  U gaf ons mee het leven te leven.  Nu.  Onmiddellijk.  Niet straks.  Niet seffens.  Niet subiet.  Maar wel nu.  Want van uitstel komt afstel.  Vóór wij het goed en wel beseffen, is het leven voorbij.  Dus leven.  Voluit.  Elke dag.  Niet half en half.  Maar volledig.  Zonder enig voorbehoud.
 
Die voetnoot nam ik mee.  Met die voetnoot stapte ik het Gentse nachtleven in.  Tegelijk met het besef dat ik opnieuw en alweer een meer dan prachtige voorstelling had mogen zien.  Minder luchtig maar niet minder emotioneel.  Een krop in de keel, dat is wat u mij telkens weer bezorgt.  Maar aan het eind toch telkens weer die glimlach.  Ik heb genoten.  Voor de derde maal op rij.
 
Beste Isabelle, bedankt.  
 
Met vriendelijke groeten.

Trailer:
Glass – Isabelle Beernaert.

Speeldata:
Website Isabelle Beernaert.

Muziek:
Philip Glass – The Hours.
Philip Glass – Koyaanisqatsi.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen