woensdag 10 september 2014

Uitgelezen: Beestig China. Brief aan Tom Van de Weghe.

Beste Tom,
 
Reizen, ik zou het een hobby durven noemen.  Elke kans grijpen wij aan om er op uit te trekken.  Huismussen zijn wij zeker niet.  Thuis zitten, wij kunnen het wel.  Maar de wereld lijkt ons een meer verleidelijke speeltuin.  Een speeltuin met vele plekjes, die vragen ontdekt te worden.  Heel vaak voel ik mij een echte ontdekkingsreiziger.  Zoals die avontuurlijke waaghalzen uit vroegere dagen, die als eerste nog nooit eerder ontgonnen terrein betraden.  Vaak ervaar ik dezelfde sensaties bij het zien van niet te beschrijven landschappen.  In confrontatie met unieke, nooit geëvenaarde bouwwerken.  Op die plekken valt mijn bek meer dan eens wagenwijd open.  Al te zeer overdonderd.  Al te zeer onder de indruk.  Van de schoonheid van de natuur.  Van de inventiviteit van mensen.
 
Heel waarschijnlijk hebt u aan voorgaande geen boodschap.  Heel waarschijnlijk vraagt u zich af waarom ik u met deze ontboezemingen lastig val.  Durf lastig te vallen.  U bent een druk man.  U moet op zoek naar nieuws.  U bent een nieuwsjager.  Journalist.  In die jacht op nieuwtjes moet u zich focussen.  Dat verwacht de kijker of luisteraar.  U voelt zich verantwoordelijk en tracht daarom die verwachtingen in te lossen.  Dan hoeft afleiding niet.  Neen, daarvan keert u zich af.  Of toch niet? Heel misschien is een beetje afleiding noodzakelijk om juist gefocust te blijven.  Dat laatste hoop ik.  Anders dreigt deze brief in de vuilnisbak te verdwijnen.
 
Dat zou jammer zijn.  Beschouw  het voorgaande als een inleiding.  Een noodzakelijke inleiding om tot datgene te komen wat ik eigenlijk wil vertellen.  De kern van de zaak, zoals ook wel eens wordt gezegd.  Twee jaar terug gingen wij op reis.  Naar China.  Vóór het vertrek maakten wij een zeker voorbehoud tegenover dat land.  Vooroordelen zijn nooit een goede raadgever.  Toch hadden wij die.  Chinezen waren onbeleefd.  Het land was vuil.  Het smakken en spuwen waren verfoeilijke gewoontes.  Die verhalen kregen wij te horen van mensen, die er al geweest waren.  Ondanks die verhalen gingen wij toch.  Dat pleit in ons voordeel.  Vooroordelen houden ons niet thuis.  Zelf oordelen lijkt ons de beste remedie tegen die vele, weinig positieve verhalen.
 
Drie weken hebben wij doorheen het land gereisd.  Drie weken lang hebben wij onze ogen en oren meer dan de kost gegeven.  Om aan het eind van de reis tot het besluit te komen dat China datgene had gedaan wat wij nooit hadden verwacht.  China had ons in zijn greep.  Had ons in zijn macht.  Het land had ons gecharmeerd overdonderd.  Niet één punt van kritiek hadden wij.  Met uitzondering dan van het politieke systeem, uiteraard.  China had voor ons zijn deuren geopend.  Bedremmeld waren wij binnengegaan.  Licht aarzelend zelfs.  Eens de deuren achter ons dicht gingen werden wij overrompeld door dit toch wel fantastische land.  De bevolking, de natuur en de cultuur, alles werd in een cocktail van verbazingwekkende pracht samengebracht.  Jawel, wij waren in de ban van China.  Dat land van de vele tegenstellingen.  Tussen rijk en arm.  Tussen stad en platteland.  Tussen opposanten en voorstanders.  Tussen technologische vooruitgang en ouderwetse behoudsgezindheid.  Tussen … Tussen … Tussen.  Zovele tegenstellingen.
 
Vóór het vertrek had ik alle informatie ver van mij gehouden.  Op aanraden van Godfried Bomans.  In zijn Wandelingen door Rome raadt hij de reiziger aan zich te laten verrassen.  Te veel voorkennis legt een hypotheek op die verrassing.  Een zware hypotheek.  Ik heb geluisterd.  Wie ben ik om Bomans tegen te spreken? Ik heb nauwelijks iets gelezen.  Bijna niets.  Om met open vizier te vertrekken.  Tot op heden vind ik dat nog altijd een juiste instelling.  Dat gebrek aan voorkennis heeft mij niet weerhouden te vragen.  Te zoeken.  Te zien.  Te ontdekken.  Te proeven.  Dat gebrek heeft mij niet weerhouden China in mij op te nemen.
 
Terug uit China werd het anders.  Toen wou ik dat verrassende land van tegenstellingen begrijpen.  Ik wou weten.  Ik ging op zoek naar antwoorden.  Antwoorden die konden bijdragen tot een beter begrip van dit toch wel complexe land.  Die antwoorden meende ik te kunnen vinden in boeken.  Ik las Beijing Coma van Ma Jian.  Eindelijk las ik het grote verhaal achter de studentenprotesten op Tiananmen.  Ik las Mao’s Massamoord van Frank Dikötter.  Ik kreeg de niets ontziende terreur ten tijde van de Grote Sprong Voorwaarts in mijn gezicht gesmeten.  Ik las In Elke Rivier Schijnt Een Maan van Veerle De Vos.  Ik las over de moeilijke zoektocht van een Belgische gastdocente in China.  Al die boeken las ik.  Elk boek bracht mij dat extra kruimeltje kennis.
 
In bovenstaande bent u geen betrokken partij.  Dat werd u wel op dat ene moment.  Op het moment dat ik begon aan Beestig China.  Uw boek.  In mijn zoektocht naar antwoorden kwam ik ook bij uw boek.  Ik had een zekere terughoudendheid tegenover uw boek.  Niet omwille van de inhoud.  Die inhoud kende ik nog niet.  Daarvoor moest het boek gelezen worden.  Wel bemerkte ik bij mijzelf enige reserve omwille van de opzet van het boek.  Bij elk teken van de Chinese dierenriem wordt één iemand geplaatst.  Eén iemand, die via zijn of haar persoonlijke verhaal één of meerdere aspecten van de Chinese samenleving belicht.  Ik had mijn twijfels.  Persoonlijke levensverhalen, het is niet onmiddellijk mijn favoriete leesvoer.  Toch las ik uw boek.  
 
Over uw boek kan ik kort zijn.  Uit de lengte van mijn brief zou u kunnen afleiden dat ik de gave van de beknoptheid ontbreek.  Toch is dat niet zo.  Mijn eindoordeel over uw boek: uitstekend.  In uw boek vond ik de vragen terug, die ik had bij mijn terugkeer uit China.  Vragen over de toekomst van China.  Over de te volgen richting.  Over het traag te bewandelen pad van voorzichtige vernieuwing.  Meer nog dan die vragen las ik in uw boek antwoorden.  Antwoorden, aangereikt door de door u gekozen personen.  Het werd mij duidelijk dat die antwoorden niet moeten gezocht worden in uitersten.  In dat complexe land werken uitersten niet.  Het antwoord moet gezocht worden in het midden.  In het centrum.  Geen overdonderende snelheid.  Geen Godot traagheid.  De juiste snelheid, die moet gevonden worden in onderlinge samenspraak.  In een debat tussen burger en overheid.  Dat debat moet er komen.  Dat debat kan niet meer afgewimpeld worden.
 
Milieu.  Politiek.  Openheid.  Censuur.  Vakbonden.  Handel.  Economie.  Uw boek behandelt al die domeinen.  In al die domeinen wordt een zekere richting aangewezen.  Door de machthebbers.  Door de mondige burger.  Eén ding toont uw boek alvast aan.  Het worden boeiende tijden.  Voor de bewoners van China.  Voor de machthebbers in China.  Voor de wereldleiders.  Want ook dat staat vast.  De gekozen antwoorden op al die vragen zullen een invloed hebben op de wereld.  Op de verhouding van die wereld tot China.
 
Als vrienden mij vragen naar een interessant boek over China, zal ik Beestig China aanraden.  Zonder enige twijfel.  Maar ik zal dat doen als zij terugkeren van reis.  Vóór hun vertrek naar China zal ik hen het advies van Bomans doorgeven: laat u verrassen.

Met vriendelijke groeten.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen