woensdag 16 april 2014

Het hooddoekendebat en gegevenscontrole. Proportionaliteit graag.

Europa is in gevaar.  Dat was de teneur na de bomaanslagen in Londen en Madrid.  De veiligheidsdiensten werden brutaal wakker geschud.  Plots stonden die diensten op hun achterste pootjes.  Er moest gehandeld worden.  Krachtdadig en vooruitziend, dat moesten de kernwoorden worden in dat handelen.  In dat streven moest het recht op privacy eventjes aan de kant.  Wanneer dat recht op privacy werd afgezet tegenover het recht op veiligheid, dan sloeg de balans na die bomaanslagen over in het voordeel van dat laatste.  Veiligheid moest gegarandeerd worden.  Te allen prijze.  Kost wat kost.  Daartoe stelde Europa de zogenaamde dataretentierichtlijn op.  Die richtlijn verplichtte alle telecomoperatoren het communicatiegedrag van de burger zes tot vierentwintig maanden te registreren.  Terecht protest werd aan de kant geschoven.  De Europese burger riep om veiligheid.  Dat moest hem geboden worden.  Dat aanbod had een prijs.  Die prijs moest betaald worden.  Althans, zo dachten de hoge piefen.
 
Alles leek in kannen en kruiken.  Maar dan was daar plots een uitspraak van het Europees Hof van Justitie.  Die uitspraak strooide roet in het eten.  Het feestje kon niet doorgaan.  Beleidsmakers werden op hun vingers getikt.  Volgens het Europees Hof betekende de betreffende richtlijn een zware inbreuk op het fundamenteel recht op eerbiediging van het privéleven en op de bescherming van persoonsgegevens.  Alweer stonden de veiligheidsdiensten op hun achterste pootjes.  Samen met de beleidsmakers.  Het beloofde krachtdadig handelen werd zwaar gefnuikt.  Een krachtdadig veiligheidsbeleid werd bijna onmogelijk gemaakt.
 
Wij zouden kunnen verwachten dat beleidsmakers en veiligheidsdiensten zwaarwegende argumenten zouden inbrengen tegen deze uitspraak.  Om het publiek op die manier te overtuigen van hun grote gelijk.  Zwaarwegende argumenten? Zonder die noodzakelijke richtlijn zullen verdwenen kinderen niet meer teruggevonden worden.  Euh, sorry.  Spelen op emotie om een zwaar ingrijpende maatregel op het recht op privacy te verdedigen, zo werkt het niet.  Dit is een zwaktebod.  Het gerechtelijk apparaat laat het afweten.  Maar misschien bieden de beleidsmakers een degelijk onderbouwde argumentatie.  Minister Vande Lanotte doet een poging.  Meer garanties over wie toegang heeft tot de gegevens en meer waarborgen tegen mogelijk misbruik zou de Belgische burger moeten geruststellen.  Heeft onze minister dan niet gehoord van de Snowden-affaire? Garanties op papier lijken mij niet voldoende.  Inbinden, dat lijkt de enige optie.  Altijd werd mij verteld dat iedereen onschuldig is tot het tegendeel bewezen wordt.  De dataretentierichtlijn zet dit op zijn kop en keert die bewering om.  Plots wordt elke burger een schuldige.  Het Europees Hof zet de puntjes op de i.  Dat Hof herinnert ons aan het proportionaliteitsbeginsel.  Volgens dat beginsel moet een genomen maatregel in verhouding staan tot het mogelijke misdrijf.  De richtlijn ging hier zwaar uit de bocht.  Die verhouding was nergens in balans.
 
Datzelfde proportionaliteitsbeginsel kwam vorige week nog eens terug in nieuwsberichten.  In het hoofddoekendebat werden wij herinnerd aan datzelfde beginsel.  In een advies aan de Raad van State verwerpt de auditeur het verbod op levenbeschouwelijke kentekenen.  Verwacht wordt dat de Raad dit advies zal volgen.  De argumentatie van het Gemeenschapsonderwijs om tot een verbod te komen wordt in dat advies onderuit gehaald.  Volgens de auditeur zou een verbod de gelijke onderwijskansen niet garanderen maar zou een verbod de onderwijskansen van de geviseerde leerlingen juist verkleinen.  Geviseerde leerlingen rest enkel nog de keuze tussen stoppen of privéonderwijs.  Veel garantie op gelijkheid houdt deze keuze dus niet in.  Het argument van het actieve pluralisme blijft ook niet overeind.  Wanneer alle mogelijke vormen van vrije meningsuiting worden onderdrukt, hoe kunnen wij dan nog gewag maken van pluralisme.  Het schermen met de term actief pluralisme is vreemd in dit debat.  Actief pluralisme veronderstelt juist een samenleving die ruimte biedt aan uiteenlopende levens- en wereldbeschouwingen, die actief kunnen worden uitgedragen.  Waarom dan in naam van pluralisme een verbod? Blijkbaar onderschrijft de auditeur deze stelling want ook het argument van het actief pluralisme wordt afgewezen.  Dan is er nog de neutraliteit.  Leerkrachten dienen neutraal te zijn.  Leerlingen niet.  Leerkrachten zijn ambtenaren, leerlingen zijn klanten.  Aan klanten kan geen neutraliteit gevraagd wordt.  Alle argumenten van het Gemeenschapsonderwijs worden weerlegd.  De auditeur kan slechts tot één besluit komen.  Het verbod is niet houdbaar.
 
Heel misschien bent u een attente lezer en zal u opwerpen dat ik in mijn definitie van actief pluralisme één belangrijk element onvermeld laat.  Ik zal deze fout hierbij rechtzetten.  Het actief pluralisme veronderstelt dat levens- en wereldbeschouwingen niet mogen opgedrongen worden aan anderen.  Gebeurt dat toch, dan moet er opgetreden worden.  Maar in dat optreden vraagt de auditeur het proportionaliteitsbeginsel te huldigen.  Niet onmiddellijk en niet overal.  Enkel waar het probleem zich stelt, kan gekeken worden naar begeleidende maatregelen. 
 
Het proportionaliteitsbeginsel.  Al te vaak wordt er al te gemakkelijk aan voorbij gegaan.  Een parallel kan gelegd worden met de politiek.  Uitzonderlijke omstandigheden vragen om een reactie.  Al te vaak blijft die reactie beperkt tot een te snel en te weinig doordacht handelen.  Snelheid wordt hier al te vaak verward met kordaatheid.  Met staatsmanschap.  In plaats van snelheid zou het beter zijn een grotere bedachtzaamheid te overwegen.  Afstand nemen en overschouwen, dat is de beste houding.  Tijd nemen om tot gepaste en afgewogen maatregelen te komen.  Geen steekvlampolitiek.  Want een dergelijke politiek brengt ons enkel rammelende wetten.  Daaraan hebben wij geen nood.  Want op een bepaald moment worden de initiatiefnemers teruggefloten.  Dat bewijzen de twee voorgaande gevallen.
 
Proportionaliteit.  Evenredigheid.  Altijd en overal.  Het zou mooi zijn.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen