vrijdag 28 maart 2014

Marsman. Brief aan Mathias Sercu en medespelers.

Beste Mathias,
Beste medespelers,
 
Ik moest kijken.  Ik kon niet anders.  In de media werd uw nieuwe reeks ‘Marsman’ bedolven onder de kritiek.  Goede kritiek, laat daarover geen misverstand bestaan.  De eerste aflevering was nog niet op televisie uitgezonden maar toch kon ik in kranten al lezen dat uw reeks aanspraak kon maken op die felbegeerde titel van beste reeks in dit nauwelijks begonnen jaar.  Zoals ik al zei, ik moest kijken.  U zou kunnen opwerpen dat ik de vrije keuze heb.  Niks moet, alles mag.  Ik ben inderdaad een vrij mens maar mijn vrijheid wordt vaak aangevreten door een te hoge mate aan nieuwsgierigheid.
 
Het hoofdpersonage krijgt het zwaar te verduren in die eerste aflevering.  Bijzonder zwaar.  Enkele weken terug is zijn moeder gestorven.  Hij verliest zijn job.  Dezelfde dag nog verlaat zijn vrouw hem.  Alle goede dingen bestaan uit drie.  Dat wordt wel eens gezegd.  Maar slechte dingen lijken uit vier te bestaan.  Want ondanks alle kommer en kwel besluit hij zelf op te stappen en zijn bandje ‘De Mannen van Mars’ te verlaten.  Al die tegenslag is te veel voor één mens.  Al die tegenslag zou kunnen volstaan om die televisie uit te schakelen.  De wereld is klote.  Dat lezen wij in de krant.  Dat zien wij op Het Journaal.  Bij ontspanning nog eens met de neus in een portie miserie geduwd worden, het kan al eens te veel van het goede zijn.  Wegzappen zou dus een logische reactie kunnen zijn.  Omwille van lijfsbehoud.  Of zielsbehoud.  Of om het behoud van beide want lijf en ziel zijn toch onlosmakelijk en onafscheidelijk, niet?
 
Een eerste aflevering mag geen waardemeter zijn.  Vaak is het bedoeld als een eerste kennismaking.  Een kennismaking waarin de verschillende personages aan de kijker worden voorgesteld.  Alles blijft een beetje oppervlakkig in die eerste aflevering.  Voorzichtig worden de contouren van het grote verhaal geschetst.  Die inleiding is noodzakelijk om de kijker op sleeptouw te nemen en te verleiden tot het trouw volgen van de verdere afleveringen.  Een reeks verdient dus een tweede aflevering om beoordeeld te worden.
 
Die tweede aflevering heb ik niet nodig.  Ik kruip nu al in de pen.  Om u nu al te feliciteren.  Dat kan voorbarig zijn.  Want heel misschien zakt uw reeks bij de volgende afleveringen als een pudding ineen.  Ik wens het u niet toe.  Bovendien durf ik te vermoeden dat het ook niet zal gebeuren.  Uw reeks is te warm.  Te gezellig.  Kommer en kwel verbinden met warmte en gezelligheid.  Lijkt dit geen contradictio in terminis? Neen, helemaal niet.  Toch niet in deze serie.  Alles wordt in de balans gelegd.  Er wordt gewikt en gewogen.  Het hoofdpersonage stuntelt en incasseert.  Maar hij heeft voldoende vluchtheuvels om te schuilen.  Hij heeft zijn dochter.  Zijn broer.  Hij heeft zijn vrienden.  Jawel, hij heeft zelfs zijn dode moeder.  Afstandelijk en streng lijkt zij maar wat hij in het dagelijkse leven niet kan, lijkt hij wel te kunnen tegen zijn moeder: praten.  Op al die vluchtheuvels schittert die warme gezelligheid.  Op al die vluchtheuvels breekt die noodzakelijke lichtheid door.  Dus, jawel, er kan en mag al eens gelachen worden.
 
In tegenstelling tot alle kranten heb ik het in al het voorgaande nog niet gehad over de broer van het hoofdpersonage, Rudy.  Ik heb het nog niet gehad over de autistische broer.  Maar dat doe ik bewust.  Zoals u doet in de serie, wil ook ik niet louter focussen op dat ene.  De broer is één van de personages en toevallig heeft die broer autisme.  Hij maakt een natuurlijk deel uit van de reeks.  In niets lijkt hij een curiositeit.  Hij schittert naast en tussen de andere personages.  Hij wordt er niet uitgelicht.  Neen, zijn verhaal wordt verteld samen met het verhaal van de anderen.  Eén geheel, één verhaal.
 
Ik heb gekeken.  Met veel plezier.  Nu al weet ik dat wij voor enkele weken een vaste afspraak hebben.  Een afspraak voor het televisiescherm.  Want ik wil weten hoe het verder gaat.  Meer nog wil ik weten hoe ‘De Mannen van Mars’ klinken.  Jawel, ik ben nieuwsgierig.  Voor enkele weken zullen de sociale babbels na de conditietraining op dinsdagavond bewust ingekort worden.  Want ik wil naar huis.  Naar dat televisiescherm.  Naar Nico.  Naar Rudy.  Ik wil zien en kijken.  Ik wil voelen.  Tot volgende dinsdag, dus.
 
Met vriendelijke groeten.
 
 
Een gouden tip:
U hebt de eerste aflevering gemist.  Omdat u dacht dat deze reeks helemaal niks voor u was.  Maar na het lezen van bovenstaande denkt u iets gemist te hebben.  U vreest een niet meer te herstellen, sociale handicap opgelopen te hebben.  Omdat u niet kan meepraten.  Omdat u niet weet wie Nico is.  Wie Rudy is.  Wie De Mannen van Mars zijn.  U zit in zak en as.  U slaat u voor het hoofd.  U maakt uzelf verwijten.  Omwille van die verdomde vooringenomenheid.  Dat alles zou kunnen.  Ik kan u begrijpen.  Omwille van dat begrip wil ik u die oplossing meegeven.  Op maandag 31 maart om 22.35 uur zendt Eén de eerste aflevering heruit.  U krijgt een herkansing.  Grijp die kans.  Aarzel niet.  Het zal uw sociale leven ten goede komen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen