dinsdag 28 januari 2014

Johnny Thijs. Dexia. Godverdomme! The sequel. Minister Koen Geens antwoordt.

Op 21/01/2014 publiceerde ik mijn artikel 'Johnny Thijs.  Dexia.  Godverdomme!'.  Op 25/01/2014 zond Minister Koen Geens mij het volgende antwoord:

Geachte heer,
 
Ik begrijp uw verontwaardiging bij de berichten over de lonen voor de nieuw benoemde directieleden van Dexia.
 
Uw analyse vertolkt het algemeen rechtvaardigheidsgevoel, dat bij de bevolking is ontstaan in de nasleep van de bankencrisis.  Door de crisis groeide het besef, dat er een wanverhouding was gegroeid tussen de hoge lonen en bonussen, die aan topmanagers werden uitbetaald en de mate van verantwoording die van hen gevraagd werd in de uitoefening van hun functie.
 
Momenteel zijn we aan een beweging bezig, die deze wanverhouding tracht recht te zetten.  In de bankenwet, die ik eind vorig jaar met succes aan het kernkabinet voorlegde, zijn onder meer het verbod op bonussen opgenomen voor banken, die staatssteun ontvingen en een beperking voor de andere banken, dit om het risicogedrag bij bankiers tegen te gaan.
 
Deze tegenbeweging gaat echter gepaard met naweeën.  Eén daarvan is het moeilijke zoeken naar een evenwicht tussen de economische realiteit van de concurrentie tussen bedrijven om bekwame mensen aan te trekken of te houden (waar u in uw analyse ook naar verwijst en wat voor de restbank Dexia van kapitaal belang is om de verliezen voor de samenleving maximaal te beperken) en het terechte onbegrip voor de bedragen waarmee dit gepaard gaat.
 
Het zijn deze twee zijden van de medaille die ik belicht heb in mijn antwoord op de vragen, die ik over de Dexia-lonen kreeg in de Kamer.  Het is spijtig, dat dat in de pers eenzijdig vertaald werd als ‘begrip vragen voor de beslissing’.  Ik bezorg u hierbij het Belga-bericht, dat over de ondervraging in de Kamer verscheen en dat een vrij getrouwe weergave brengt van het antwoord, dat ik gaf.
 
Ten gronde heb ik ook reeds dinsdag in de Kamer aangegeven, dat ik over de loonsverhoging overleg zou plegen met mijn Franse collega, de heer Pierre Moscovici en met de CEO van Dexia.  Dit overleg leidde ertoe, dat ik aan het remuneratiecomité en de Raad van Bestuur van Dexia de vraag stel om het loonbeleid voor de leden van het directiecomité te herbekijken.
 
Ik hoop, dat ik met deze toelichting u de toedracht van deze zaak heb kunnen verduidelijken.
 
Met vriendelijke groeten,
 
Koen Geens
Minister van Financiën
 
Belga-bericht: Dexia-lonen - FPIM speelde kritische rol in remuneratiecomité, verzekert Geens.
 
BRUSSEL 21/01 (BELGA) = De federale vertegenwoordigers hebben hun kritische rol gespeeld in het remuneratiecomité van Dexia, toen dat een salarisverhoging met dertig procent voorstelde voor enkele topkaderleden.
Dat heeft Financieminister Koen Geens dinsdag in de Kamer verzekerd.  Hij vroeg begrip voor de moeilijke situatie van de restbank, maar merkte ook op dat de staat het remuneratieverslag eventueel nog kan afkeuren op de jaarlijkse algemene vergadering.
Geens kreeg vanop zowat alle Kamerbanken vragen over de omstreden loonsverhoging. "Waar is het ethisch besef gebleven", klonk het meermaals.
Verschillende parlementsleden - ook uit de meerderheid - vonden dat de regering dit niet kon toelaten.
De minister vroeg echter begrip.  Hij verzekerde dat de Federale Participatie- en Investeringsmaatschappij (FPIM) als vertegenwoordiger van ons land haar kritische rol ten volle speelde, onder meer door te wijzen op het "zeer gevoelige karakter" van een loonsverhoging.  
België telt echter maar twee leden in de raad van bestuur. 
Zelf kan Geens de beslissing alvast niet laten terugdraaien.  Dat kan enkel de raad van bestuur. De staat kan als aandeelhouder wel het remuneratieverslag afkeuren op de jaarlijkse algemene vergadering, merkte hij op. België heeft 50,02 procent van de aandelen in handen.
Sowieso plant Geens nog overleg met zijn Franse evenknie Pierre Moscovici.  Of hij van plan is zo nog te ijveren voor een intrekking van de loonsverhoging, wilde hij niet kwijt.  De minister wil eerst van alle betrokkenen duidelijkheid.  Voor een conclusie is het nog te vroeg, zo liet hij optekenen. 
Geens vermoedt immers dat ook de banktop stevige argumenten heeft vóór de loonsverhoging.  Het is immers niet makkelijk nog geschikte mensen te vinden en gemotiveerd te houden aan de top van Dexia, zei de minister.  Heel wat getalenteerde mensen verlieten het schip al, terwijl een goede afbouw van de bad bank absoluut in het belang is van de overheidsfinanciën, besloot hij. 
KNS/KVH/ ./211906 JAN 14

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen