donderdag 12 december 2013

Brief aan Fientje Moerman. Respect!

Beste Fientje,
 
Het zat diep.  Behoorlijk diep.  Het moest er uit.  Dat gebeurde.  In een brief deed u verslag over uw wedervaren als politica.  Die uitbarsting blies alle nuance weg.  Maar dat maakte uw boodschap nog duidelijker.  U bent loslopend wild.  Nergens kan u schuilen.  Nergens bent u veilig.  Ongeacht wat u doet, er wordt geoordeeld.  Beoordeeld.  Veroordeeld.  Terecht of onterecht, het maakt niet uit.  U bent politicus, u mag tegen de muur gezet worden.  U mag beschimpt en bespot worden.  It’s a part of the job, denken wij dan maar.
 
Ik kan begrip opbrengen voor uw opengebarsten verontwaardiging.  U knippert ongelovig met uw ogen.  In deze brief, gericht aan u, meent u begrip voor een politicus te ontwarren.  Jawel, inderdaad.  In mij vindt u een medestander.  Ik heb het grootste respect voor uw beroep.  Het grootste en diepste respect.  Maar dat respect maakt mij niet blind.  Mijn kritisch vermogen blijft overeind en intact.  Vanuit dat kritisch vermogen schrijf ik u deze brief.  Ik wil u geruststellen.  Er zullen geen krachttermen gebruikt worden.  Er zal niet gescholden worden.  In heldere bewoordingen wil ik mijn licht laten schijnen over deze door u aangekaarte problematiek.
 
De politiek is verworden tot een circus.  In die circuspiste staat de politicus centraal.  Vanuit de tribune wordt hij aangestaard door het publiek.  In die piste heeft hij weinig manoeuvreerruimte.  Elke stap, die hij zet, wordt ontleed.  Elke stap ontlokt applaus.  Of boegeroep.  Vluchten achter de coulisse kan niet.  Want dat is het grote verschil met die grote, echte circussen.  In die circussen bestaat een pauze.  In die circussen komt de artiest op en gaat diezelfde artiest af.  Enkel voor zijn act blijft hij op het podium.  Die luxe heeft een politicus niet.  Hij staat constant onder de schijnwerpers.  De schijnwerpers van een kritisch ontledende massa.
 
Het politieke debat is veranderd.  De spelregels zijn gewijzigd.  Niet langer gaat het om een strijd tussen ideeën.  Die strijd is al lang van de baan.  Afgevoerd als weinig interessant.  De lezer of kijker lust die verslaggeving niet meer.  Alles moet pittiger.  Alles moet meer gekruid.  In die poging tot het pittiger maken, wordt gefocust op personen.  Het wordt een strijd tussen personen.  In die strijd moet er een winnaar zijn.  In die strijd moet er een verliezer zijn.  Een tussenweg is niet mogelijk.  De winnaar wordt op het podium geroepen.  De verliezer wordt de vergeethoek ingeduwd.  Die zoektocht naar een mogelijke winnaar in elk politiek debat heeft een bijzonder vervelend neveneffect.  Een compromis wordt onmogelijk gemaakt.  Omdat een compromis door partijen ervaren wordt als verlies.  Omdat een compromis niet zwart is, noch wit.  Een compromis is grijs.  Die kleur wordt helaas niet meer aanvaard.
 
Die strijd om winst is ook een gevolg van een andere, betreurenswaardige evolutie.  De politieke poppoll en de steeds weerkerende peilingen.  Populariteit wordt belangrijker dan inhoud.  Gezien worden wordt belangrijker dan wat gezegd wordt.  Deze spijtige evolutie werkt immobiliserend.  De angst voor een volgende peiling verhindert het nemen van noodzakelijke maar soms weinig populaire maatregelen.  Het regeringsbeleid heeft geen tijd meer te groeien.  Geen tijd meer om uitgelegd te worden.  De tijd dat men enkele jaren ongestoord kon werken is ver voorbij.  Altijd weer is er die volgende peiling.  Altijd weer is er die volgende verkiezing.  Die te korte tijd verhindert een politiek op lange termijn.  Een dergelijke politiek is niet zichtbaar.  Niet tastbaar.  De poppoll vraagt om populaire maatregelen.  Om maatregelen, die de politicus enkele plaatsen doet stijgen in de ranking.  
 
Politiek bedrijven in het vizier van de politieke verslaggeving is moeilijk.  Bijzonder moeilijk.  Want alles moet kort en bonding.  Binnen enkele minuten.  Liever een leuke quote dan een ellenlange maar duidelijke uiteenzetting.  Geen moeilijke woorden ook.  Eenvoudig en simpel.  De complexiteit van het dossier wordt genegeerd.  Want de kijker mag niet afhaken.  Het heilige kijkcijfer bepaalt het debat.  Bepaalt de lengte van het debat.  De politicus draait mee in dit dolle circus.  Al dan niet gewillig.
 
Maar het volstaat niet met de beschuldigende vinger enkel naar de media te wijzen.  Enkel die analyse zou unfair zijn.  Want de politicus dient ook in de spiegel te kijken.  Hij dient zijn hand in eigen boezem te steken.  
 
Ik hoop dat u uw brief ook verstuurd hebt aan de nationale partijsecretariaten.  Want ook de partijen zelf hebben een aandeel in de ontwaarding van het politieke ambt.  In hun zoektocht naar het electorale gewin zijn zij meer en meer afgedreven van hun ideologieën.  Ideologie was nauwelijks verkoopbaar.  Niet voldoende sexy.  In hun streven de grootste politieke familie te zijn werden marketeers binnengebracht in de secretariaten.  Politiek werd vermarkt.  Politiek werd een product.  Een product dat aan de man moest gebracht worden.  Net als een wasmiddel.  Of een auto.  De boodschap verdween naar de achtergrond.  Het grote verhaal was niet meer belangrijk.  In de plaats kwamen leuke gezichtjes.  Vlotte gezichtjes.  De inhoud was niet meer het belangrijkste.  Meer aandacht ging nu naar de verpakking.  De maakbaarheid van de maatschappij was niet langer van tel.  In de plaats kwam de verkoopbaarheid.  Verkoopbaarheid van partijen en ideeën.  Leuk en gezellig waren plots de sleutelwoorden.
 
Die marketeers zitten nog steeds achter de knoppen.  Samen met het partijsecretariaat bepalen zij wat gezegd mag worden.  De politicus wordt veroordeeld tot nakauwen.  Tot een letterlijk nakauwen van de partijboodschap.  De politicus wordt een volger.  Een jaknikker.  Nauwelijks heeft hij nog enige inbreng.  Zijn stem wordt niet gehoord.  Er bestaat geen wisselwerking meer.  De communicatie verloopt enkel van boven naar beneden.  Niet andersom.  Zelfs bij stemmingen in het politieke halfrond is die eigen inbreng nauwelijks bestaande.  Zijn keuze wordt ingeperkt door de partij.  Hij mag enkel dat ene knopje induwen.  Dat ene knopje, dat hem door de partij wordt toegestaan.  Afwijken mag niet.  Dat wordt niet geduld.  Partijdiscipline heerst.  Die partijpolitieke drang naar orde en tucht verstikt het debat.  Die drang verstikt de politicus en maakt hem bijna monddood.  Politiek wordt al te steriel.
 
Al die evoluties doen de mensen inzien dat de politicus eigenlijk maar een gewoon mannetje is.  Niks meer.  Niks minder.  Hij is er één van ons.  Hij staat op gelijke hoogte.  De kiezer kijkt niet langer meer op naar die politicus.  Want zij staan op gelijke hoogte.  Diezelfde hoogte vergemakkelijkt het moddergooien.  Schelden mag onder gelijken.  Dat gebeurt.  Steeds vaker.  Zonder enig voorbehoud.
 
Politici hoeven niet op een hoger podium te staan.  Die weg willen wij niet terug bewandelen.  Maar politici dienen wel het aanzien uit die dagen terug op te eisen.  Het respect uit die dagen.  Zij dienen zich hiervoor te richten naar de media.  Naar het partijsecretariaat.  Maak van de politicus opnieuw een overtuigende dossiervreter.  Verlaat het pad van de vlotte en flitsende poppetjes.  Laat u niet gijzelen door de waan van de dag.  Wordt opnieuw die speler in het grote verhaal.  Het verhaal, dat verteld wordt over een lange termijn.
 
Ik wens u alle sterkte.  Ik wens u alle respect.
 
Met vriendelijke groeten.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen